Merk je na het eten buikpijn, een opgezette buik, hoofdpijn, vermoeidheid of word je humeurig zonder duidelijke reden? Of heb je een kind met terugkerende klachten waar je maar geen vinger achter krijgt? Dan kan een voedselovergevoeligheid een grote rol spelen – óók als allergietesten via de huisarts niets laten zien.
Als orthomoleculair darmtherapeut begeleid ik mensen met kinderwens, zwangere vrouwen, baby’s, kinderen en volwassenen met darmklachten en voedselovergevoeligheid. Samen zoeken we uit welke voeding jij (of je kind) niet goed verdraagt en vooral: waarom je lichaam hier zo op reageert.
Wil je gericht onderzoeken waar jouw klachten vandaan komen en een persoonlijk behandelplan krijgen?
Eerste signalen en twijfel over voedselovergevoeligheid
Soms twijfel je: heb ik een voedselovergevoeligheidsreactie of zit er iets anders onder?
Wat kunnen de eerste signalen zijn dat je mogelijk een probleem hebt met voeding?
Als je na een maaltijd:
· geen behaaglijk gevoel hebt en/of het koud krijgt
· buikpijn (obstipatie, diarree) en/of hoofdpijn krijgt
· humeurig wordt
· het gevoel hebt dat je geen energie hebt.
Zoals een cliënt van mij mooi verwoordde: “Mijn gezin maakt er grapjes over dat ik gewoon niet wil afwassen, maar ik zak helemaal in na de maaltijd”.
En verder als:
· je beverig wordt of hartkloppingen krijgt
· je neus en holtes vollopen of je ogen gaan tranen
· je na voeding een prikkelend gevoel in je mond krijgt.
En dit zijn nog maar enkele signalen. Een heleboel gezondheidsproblemen hangen samen met voeding. Vaak heb je dit niet eens door.
Signalen die er op kunnen wijzen dat je bepaalde voeding niet goed verdraagt
Er zijn een heleboel signalen die er op kunnen wijzen dat je bepaalde voeding niet goed verdraagt. Buikpijn is er slechts één van.
Wist je dat ook de volgende klachten er op kunnen wijzen dat je een probleem hebt met het verteren van voeding?
“snotteren” en vol zitten
jeuk en huiduitslag
hoofdpijn en migraine
vocht vasthouden
reumatische klachten
opgeblazen gevoel en winderigheid
obstipatie en diarree
chronische vermoeidheid
slaapproblemen
depressieve gevoelens en je “futloos” voelen
aandachtstekortstoornis (ADD)
Vage klachten en een vertraagde reactie
Vaak gaat het om “vage” klachten. Deze klachten bouwen op en geven een vertraagde reactie. Dit kan variëren van enkele uren tot enkele dagen nadat je bepaalde producten gegeten hebt. Het is daardoor niet altijd direct duidelijk of je wel of niet op voeding reageert.
Allergie, intolerantie en mogelijke reacties op melk en granen
Ben ik allergisch?
Als je ergens allergisch voor bent, geeft je lichaam een duidelijke reactie als je met de stof (het allergeen) in aanraking komt. Je krijgt bijvoorbeeld traanogen en gaat niezen, je reageert met maag- en darmklachten of met galbulten.
Een allergeen is een eiwit dat je via de lucht (bijvoorbeeld pollen) of via de voeding binnenkrijgt, en soms via je huid (contact-allergeen). Bij een allergie reageert je lichaam hierop door antistoffen (IgE’s) aan te maken specifiek voor dit allergeen.
Een kenmerk van een allergie is dat je immuunsysteem onmiddellijk reageert na contact met het allergeen, iedere keer weer, en ook bij kleine hoeveelheden allergeen. Een allergie is vaak blijvend van karakter: door de aangemaakte antistoffen zal iedere keer een reactie optreden.
Overal in het lichaam zitten zogenoemde mestcellen. Wanneer je het allergeen weer binnenkrijgt, komt dit in contact met het eerder gevormde IgE en komen uit de mestcellen bepaalde werkzame stoffen vrij, zoals histamine. Histamine is verantwoordelijk voor het ontstaan van bepaalde klachten en verschijnselen bij allergie.
Of heb ik een voedselintolerantie?
Als er geen duidelijk aantoonbare relatie is, tussen het immuunsysteem en het allergeen, spreekt men liever van een intolerantie of overgevoeligheid.
Bij een niet allergische voedselovergevoeligheid (intolerantie) worden er geen IgE’s gevormd, maar ontstaan de reacties op verschillende andere manieren (na inname, via het bloed of door inademen). De stoffen die een reactie veroorzaken noemen we triggers.
Een reactie die opbouwt en jij weet niet meer waar het aan ligt…
Bij een intolerantie zijn de triggers niet altijd makkelijk aantoonbaar. Er treedt vaak een vertraagde reactie op: pas als de inname van een bepaalde stof een grens overschrijdt, krijg je klachten. De klachten die je krijgt, kunnen bovendien nogal variëren.
Dit kunnen specifieke klachten zijn, bijvoorbeeld hoofdpijn, klachten van de luchtwegen of de spijsvertering, maar ook vagere klachten, zoals moeheid en een verminderde weerstand behoren tot de mogelijke klachten. Ook spier- en gewrichtspijnen en stemmingswisselingen kunnen veroorzaakt worden door intoleranties. En zelfs vocht vasthouden.
Omdat een intolerantie een onduidelijk begin heeft en tijd nodig heeft om op te bouwen, leg je vaak de relatie niet met bijvoorbeeld een bepaald voedingsmiddel. Vaak gaat het bovendien juist om een voedingsmiddel (bijvoorbeeld brood of chocola) dat je erg lekker vindt.
Melk is niet goed voor elk en ook met granen is het oppassen
Om het nog ingewikkelder te maken: op sommige voedingsmiddelen kun je op meer dan één manier klachten krijgen.
Je kunt bijvoorbeeld op melk reageren met een allergie of intolerantie en je kunt reageren op de exorfinen die in melk zitten. Wat exorfinen zijn wordt hieronder verder uitgelegd. Tenslotte kun je een overgevoeligheid hebben voor de melksuikers (lactose).
In mijn praktijk merk ik dat hierover regelmatig verwarring ontstaat. Wanneer je een allergie hebt, heb je een reactie op eiwitten in de voeding, bijvoorbeeld caseine, het zuivel-eiwit.
Maar het kan ook zijn dat je niet kunt omgaan met de suikers in bepaalde voedingsmiddelen, zoals lactose: melksuiker.
Dit is altijd een kwestie van enzymen en van hoeveelheid. Jouw lichaam moet voldoende lactase kunnen produceren, het enzym wat lactose “verteert” . En als de hoeveelheid lactose die jij binnenkrijgt uit dierlijke zuivelproducten, jouw lactase-capaciteit overstijgt, krijg jij klachten. Dit is dus een malabsorptie probleem.
En helaas: het kan ook zijn dat zowel caseine als lactase een probleem voor je vormen.
Een ander voorbeeld zijn granen. Het kan zijn dat je op de gluten-eiwitten in granen reageert, en het kan zijn dat je op de suikers (koolhydraten) in granen reageert: zetmeel.
Ook gluten kunnen op verschillende manieren verstorend werken in het menselijk lichaam: door een allergie, intolerantie of door exorfinen.
De ernstigste vorm van glutenovergevoeligheid is coeliakie. Maar ook als je geen coeliakie hebt, kun je toch behoorlijk gevoelig zijn voor gluten. Dit heet non coeliac gluten sensitivity.
Exorfinen, biogene aminen, suiker, FODMAP’s en gist kunnen ook klachten geven
Exorfinen
Sommige mensen reageren op exorfinen uit voeding. Exorfinen zijn morfine-achtige eiwitten die voorkomen in gluten, zuivel, soja, champignons en spinazie. Exorfinen komen overigens niet alleen voor in voeding, maar ook in een darm-microbioom wat uit balans is kan veel exorfine geproduceerd worden.
Normaal gesproken worden exorfinen in het lichaam afgebroken door een specifiek enzym (DPP-IV enzym) in de dunne darm, in de bloedbaan en in de hersenen. Maar als dit enzym slecht werkt, worden de exorfinen onvoldoende geneutraliseerd en komen ze in de bloedbaan. Zij gaan zich dan gedragen als endorfine (een neurotransmitter) en verstoren de werking van het hormoon- en immuunsysteem.
Endorfine wordt ook wel het “feel good hormoon” genoemd. Dat kan dan toch niet slecht zijn zou je denken? Echter: als exorfinen gaan aanhechten in het lichaam, op plaatsen waarop eigenlijk endorfine zou moeten zitten, heb je een groot probleem. De exorfinen geven je kortdurend een goed gevoel en je hebt er steeds meer van nodig om dit fijne gevoel te behouden. Het werkt verslavend.
Een exorfinebelasting wordt in verband gebracht met onder meer ademhalingsproblemen zoals apneu en astma, klachten als depressie en angststoornissen, ADD, ADHD en autisme.
Biogene aminen en pseudo-allergie
Biogene aminen, wat zijn dat? Biogene aminen zijn stoffen die in het menselijk lichaam gemaakt worden uit aminozuren, de bouwstenen van eiwitten. Een bekende is histamine. In veel voedingsmiddelen, zowel plantaardig als dierlijk, komen van nature biogene aminen voor. Soms worden zij ook gevormd tijdens het productieproces van voeding en verder bij bewaring of door bederf. Die lekkere gerijpte oude kaasjes bijvoorbeeld kunnen veel biogene aminen bevatten. Maar ook een overrijpe avocado zit er vol mee.
In het lichaam spelen diverse andere biogene aminen een belangrijke rol bij de signaaloverdracht in het zenuwstelsel (zoals serotonine en dopamine). We hebben ze dus ook nodig!
Biogene aminen stimuleren de zenuwuiteinden van het autonome zenuwstelsel en beïnvloeden daarmee onder meer de spijsvertering, de ademhaling en de bloedsomloop.
Bij overgevoeligheid voor biogene amines functioneert het afbraaksysteem in de darmen onvoldoende en ontstaan er klachten. Als je lever belast is (door bijvoorbeeld een slecht voedingspatroon, medicijngebruik of candida), ben je gevoeliger voor biogene aminen. Ook als je darmflora niet op orde is, en als uit ontlastingsonderzoek blijkt dat je een te hoog niveau van bepaalde, ziekmakende, darmbacteriën hebt, kun je sterk op biogene aminen reageren.
Pseudo-allergische reacties door biogene aminen
Als je gevoelig bent voor biogene aminen kun je zogenoemde pseudo-allergische reacties krijgen, als je voeding eet waarin deze stoffen zitten of als je bijvoorbeeld voeding eet waarin stoffen zitten die histamine (een van de biogene aminen) kunnen vrijmaken.
Wat is een pseudo-allergie?
Soms heb je alle kenmerken van een allergie (bijvoorbeeld jeuk, tranende ogen, een loopneus, vermoeidheid, buikklachten), maar als je een bloedonderzoek laat doen via de huisarts komt er “niets uit”, behalve misschien een verhoogde gevoeligheid voor histamine.
Soms merk je ook dat “allergische” klachten in bepaalde periodes toenemen, terwijl ze op andere momenten als sneeuw voor de zon verdwenen zijn. Je kunt dan niet achterhalen waar dit nu precies aan ligt.
Ra, ra, hoe kan dat?
Er is hierbij een drempelwaarde voor het ontstaan van de klachten en deze is voor iedereen anders. Bovendien kan deze drempelwaarde van dag tot dag verschillen.
Als je bijvoorbeeld een maagdarminfectie doormaakt, last hebt van stress, net een vaccinatie hebt gehad, medicijnen gebruikt, na lichamelijke inspanning of het gebruik van alcohol, kan de drempelwaarde sneller bereikt worden.
Je kunt bijvoorbeeld gewoon een blokje oude kaas eten, maar als je op een dag chorizo, zuurkool en paprika eet, krijg je migraine (deze producten bevatten tyramine).
Of je kunt de ene week wel je worteltjes met zalm eten en de andere week, op een dag waarop je veel stress hebt, krijg je toch een reactie.
Als een reactie dan ook nog vertraagd optreedt (soms pas na 72 uur), wordt het een stuk moeilijker om te achterhalen waardoor die reactie nu precies ontstond.
Om wat voor klachten gaat het dan?
Een heel scala aan klachten kan optreden:
- opgeblazen gevoel
- jeuk en roodheid van de huid, galbulten en netelroos
- zwelling van alle slijmvliezen
- oedeem (vocht vasthouden)
- branderige opgezette tong
- benauwdheid
- maag- en darmkrampen en diarree
- ontstekingen (oogontsteking, candida, eczeem, blaasontsteking)
- hoofdpijn (scherp en stekend en van paracetamol wordt het erger)
- depressieve klachten
- onleesbaar schrijven
- ongecoördineerd gedrag en niet helder kunnen denken
Bij een overgevoeligheid voor tyramine, ook een van de biogene aminen, zie je vaak migraine-klachten.
Dan maar alles weglaten?
Nee, dat is bij een gevoeligheid voor biogene aminen, echt geen goed idee. Dit wordt ook wel het “Biafra-dieet” genoemd: je moet dan zoveel voedingsstoffen weglaten dat je je bouwstoffen niet meer binnen krijgt. Als je last hebt van biogene aminen is het beter om uit te zoeken of dit mogelijk is ontstaan door een slechte darmflora (dysbiose) of doordat je lever een en ander niet goed aankan. Het is de moeite waard om met behulp van een voedseldagboek te achterhalen waar je precies op reageert. En dan niet alleen bij te houden wat je hebt gegeten, maar ook bijvoorbeeld hoeveel stress er op een dag was.
Een teveel aan suiker(s) is niet goed
Om het kort en krachtig te zeggen: te veel suikers zijn niet goed voor je. Realiseer je dat koolhydraten ook suikers zijn.
De industrieel bewerkte suiker, zoals kristalsuiker, kun je beter helemaal links laten liggen. Dit zijn “lege” koolhydraten zonder voedingsstoffen. Ook synthetische zoetstoffen, zoals aspartaam, zijn zeer belastend voor je lichaam. Blijf liever ver weg van de “zero” en “light” producten.
Het word je niet gemakkelijk gemaakt. Aan heel veel voeding worden suikers en zoetstoffen toegevoegd!
Maar ook met natuurlijke suikers (koolhydraten) kun je beter zuinig aan doen. In verhouding krijgen we er vaak al te veel van binnen.
Een te veel aan suikers wordt direct omgezet in triglyceriden (vetdeeltjes) en een overmaat hiervan draagt bij aan hart- en vaatziekten.
Te veel suiker is een belasting voor je lever en kan tot non-alcoholische leververvetting leiden.
Om suiker (glucose) de cel in te krijgen, moet de pancreas insuline vrijgeven in het bloed. Dit is prima, als het op gezette tijden gebeurt. Maar als het de hele dag door te pas en te onpas van je lichaam wordt gevraagd, raakt de pancreas op den duur uitgeput en gaat minder efficiënt werken. Je kunt minder gevoelig worden voor insuline of zelfs te weinig insuline gaan aanmaken. Oftewel je kunt hypoglykemie, hyperinsulinemie of diabetes krijgen.
Fruit is gezond, maar te veel fructose (vruchtensuiker) niet. Het lichaam kan maar 25 tot 30 gram per dag goed verwerken. Meer dan 3 stuks fruit is daarom niet aan te bevelen. Let ook op met geconcentreerde vruchtensappen, smoothies e.d. Ook te veel melksuiker (lactose) kan voor problemen zorgen.
En als je last hebt van een intolerantie van bijvoorbeeld lactose of een malabsorptiestoornis (slechte opname) van bijvoorbeeld fructose, dan zal je nog beter op de suikers moeten letten.
De eerste klachten, die je vaak ervaart als je suikers niet goed kunt verwerken, zijn een opgeblazen gevoel (soms de “negen maanden zwanger” buik) en winderigheid. En in het algemeen ook vermoeidheid.
Toch is er ook een paradepaardje onder de koolhydraten: groente! Hiervan mag je naar hartenlust eten. Maar als je bepaalde FODMAP’s niet goed verdraagt kunnen sommige groenten toch klachten opleveren…
FODMAP’s
FODMAP’s zijn een speciale groep koolhydraten. FODMAP is de afkorting voor Fermenteerbare Oligosachariden (fructanen en galactanen) Disachariden (lactose) Monosachariden (fructose) en Polyolen (suikeralcoholen in zoetstoffen, fruit en groenten). Dat is een hele mond vol.
Als deze FODMAP’S in de dunne darm niet goed worden opgenomen, komen ze terecht in de dikke darm. Dikke darmbacteriën gaan de FODMAP’S dan fermenteren (verteren). Hierbij komt veel gas vrij. Een opgezette buik, winden, boeren en kramp kunnen het gevolg zijn. Bovendien wordt er door al die onverteerde suikers extra vocht in de darm aangetrokken. Hiervan kun je diarree krijgen.
Gist en gistextract
Gist en gistproducten (gistextract) worden aan veel producten toegevoegd om deze meer smaak te geven. Ze geven de zogenoemde “Umami” smaak: een hartige smaak.
Als je dit eet, gaat er in je lichaam “gisting” plaatsvinden. Gist zorgt er namelijk voor dat suikers (koolhydraten) omgezet worden in alcohol en koolzuurgas. Dit is echter geen natuurlijk manier van omzetten. Door het lichaam zelf worden suikers namelijk afgebroken zonder dat hierbij alcohol vrijkomt.
Naast natuurlijke gist wordt ook industriële gist (MSG en E621) aan producten toegevoegd. Deze zorgen voor een snellere gisting, zodat brood bijvoorbeeld sneller kan rijzen.
Het lichaam kan al deze gist echter vaak niet aan. Een opgezette, zere buik, winden en boeren kunnen dan het gevolg zijn.
Als er te veel gisten in je lichaam aanwezig zijn, en je weerstand verlaagd is, kunnen deze zich gaan ontwikkelen tot schimmel en je gezondheid ondermijnen. Een voorbeeld hiervan is een belasting met candida.
Zowel de natuurlijke gist als de industrieel geproduceerde gist bevat bovendien glutamaat. Een teveel aan glutamaat wordt in verband gebracht met neurologische aandoeningen als epilepsie, Alzheimer, psychoses en de spierziekte A.L.S.
Bovenstaande lijst van mogelijk reacties is niet uitputtend helaas. Zo kun je bijvoorbeeld je reumatische klachten hebt soms beter afzien van het eten van de zogenoemde “nachtschaden”. Tot de nachtschaden behoren onder andere: aardappel, tomaat, aubergine, paprika en rode pepers.
Een gezonde darm, een stevige vertering en het voorkomen van tekorten
Zonder een gezonde darm heb je geen goede gezondheid! Om je voeding goed te kunnen verteren, en er energie uit te maken, moet je darm in topconditie zijn.
Er moet onder meer een balans zijn tussen de verschillende darmbacteriën (darmflora of microbioom genoemd).
Aan de ene kant wil je voldoende lichaamseigen bacteriën hebben voor een goede spijsvertering, een goede aansturing van je immuunsysteem en nog veel meer belangrijke functies.
Aan de andere kant wil je vooral niet te veel ziekmakers in je darm hebben, zoals parasieten, schimmels en gisten, en minder gezondheidsvriendelijke bacterien.
Ook als bepaalde enzymatische processen niet goed verlopen, kun je je voeding niet goed verteren en kun je klachten krijgen. Enzymen kun je je voorstellen als kleine “schaartjes” die het voedsel zo fijn knippen dat het verder opgenomen kan worden.
Als je een voedselovergevoeligheid hebt, ligt de oplossing nooit in het weglaten van deze voedingsmiddelen alleen. Je loopt anders gemakkelijk tekorten op aan essentiële voedingsstoffen. En die tekorten had je wellicht al, omdat je spijsvertering niet optimaal was. Goede vervangers vinden, zodat je een volwaardige voeding houdt, is belangrijk!
Een reactie op voeding hoef je gelukkig ook meestal niet te accepteren als iets waar je levenslang last van houdt. Met een goede begeleiding op het vlak van gezonde voeding en gezonde darmen kun je vaak een heel eind komen.
Blijf er niet mee lopen!
Voedselovergevoeligheid bij kinderen, kinderwens en zwangerschap
Als je kind klachten heeft op voeding
Juist bij kinderen die nog volop in de groei en in ontwikkeling zijn is het lastig wanneer zij bepaalde voedingsmiddelen minder goed kunnen verdragen. Wanneer je de voeding moet aanpassen wil je wel dat zij nog steeds een volwaardige voeding hebben. En liefst wil je dat je kind zo gevarieerd mogelijk kan eten. Het optimaliseren van de darmgezondheid van je kind is dan een grote stap voorwaarts.
Voedselreacties rondom de zwangerschap
Wanneer je zwanger bent bereid je je baby voor op de buitenwereld. Je begint al met het trainen van het immuunsysteem van je kind op wat “normaal” is. De antistoffen van al jouw doorgemaakte verkoudheidsvirusjes wil je natuurlijk aan je kind doorgeven. Maar jouw reactie op bepaalde voedingsmiddelen juist niet. Het liefst begin je iets eerder, maar ook tijdens een zwangerschap kun je er nog veel aan doen om jouw darmgezondheid te optimaliseren voor een goede start voor je kind.
Verbeter je (darm)gezondheid!
Herken je jezelf of je kind in de klachten die ik beschrijf en wil je niet langer blijven zoeken in het duister?
In mijn orthomoleculaire darmtherapie-traject onderzoeken we aan de hand van jouw verhaal, gerichte testen en een praktisch plan welke voeding je beter kunt vermijden, welke juist helpt herstellen en hoe je je darmgezondheid structureel kunt verbeteren.




0 reacties