Een steeds veelvuldiger voorkomende oorzaak van klachten bij kinderen (en volwassenen!) is een intolerantie voor bepaalde voedingsmiddelen. Bij bijvoorbeeld herhaalde oorontstekingen, eczeem, buikpijn, en bepaalde gedrags- en leerstoornissen is het zinvol om de voeding eens onder de loep te nemen.
Allergie
Wanneer je ergens allergisch voor bent geeft je lichaam een duidelijke reactie wanneer je met die stof (het allergeen) in aanraking komt. Je krijgt bijvoorbeeld traanogen en gaat niezen, of je reageert met maag- en darmklachten of met eczeem.
Een kenmerk van een allergie is dat je immuunsysteem onmiddellijk reageert na contact met het allergeen, iedere keer weer, en ook bij kleine hoeveelheden allergeen. Een allergie is blijvend van karakter: het lichaam maakt antistoffen aan, waardoor iedere keer een reactie zal optreden.
Intolerantie
Wanneer er geen duidelijk aantoonbare relatie is tussen het immuunsysteem en het allergeen spreekt men liever van een intolerantie of overgevoeligheid. Er zijn twee vormen: inhalatie-intolerantie (bijvoorbeeld sigarettenrook en huisstofmijt) en voedingsintolerantie (bijvoorbeeld koffie en koemelk).
Hierbij zijn de allergenen lang niet altijd aantoonbaar door middel van huid- en laboratoriumtesten (bijvoorbeeld bloedonderzoek). Er treedt vaak een vertraagde reactie op: pas wanneer de inname van een bepaalde stof een grens overschrijdt krijg je klachten. De klachten die je krijgt kunnen bovendien nogal variëren.
Dit kunnen specifieke klachten zijn, bijvoorbeeld hoofdpijn en klachten van de luchtwegen of de spijsvertering, maar ook vagere klachten, zoals moeheid en een verminderde weerstand. Ook spier- en gewrichtspijnen en stemmingswisselingen kunnen veroorzaakt worden door intoleranties.
Omdat een intolerantie een onduidelijk begin heeft en tijd nodig heeft om op te bouwen, leg je zelf vaak de relatie niet met bijvoorbeeld een bepaald voedingsmiddel. Vaak gaat het bovendien juist om een voedingsmiddel (bijvoorbeeld suiker of chocola) wat je erg lekker vindt.
Primair en secundair allergeen
Om het nog ingewikkelder te maken: soms is de scheiding tussen allergie en intolerantie niet zo duidelijk of is er sprake van een combinatie van factoren. Duidelijke klachten treden soms pas op wanneer een secundair (tweede) allergeen op de voorgrond treedt. Een veel voorkomend voorbeeld is hooikoorts. De symptomen treden op wanneer je bijvoorbeeld in aanraking komt met pollen of huismijt.
De werkelijke boosdoener (het primair allergeen) is vaak koemelk. Wanneer de koemelkintolerantie wordt behandeld kan de overgevoeligheid voor andere stoffen vanzelf verdwijnen. Het kan zijn dat de reactie op het secundair allergeen wel meetbaar is met laboratoriumtesten en de reactie op het primair allergeen niet.
Een allergische reactie treedt op bij een overbelasting van het immuunsysteem. Dit kan vele oorzaken hebben en bijvoorbeeld ook veroorzaakt worden restanten van eerder doorgemaakte ziektes of ontstekingen, belastende factoren uit het milieu, straling, onverwerkte emoties, etc.
Vaak is er sprake van een combinatie van belastende factoren. Het primair allergeen komt meestal uit de voeding. Vaak is het een van de volgende middelen: koemelk, suiker, gist, gluten, tarwe of zout.
Desens pro
In mijn praktijk werk ik met Sanoconcept DesensPro, een behandeling voor voedingsintolerantie die ontwikkeld is door de arts-acupuncturist Ton van Gelder.
Dit programma bestaat uit 3 stappen:
- De diagnose. Het primair allergeen wordt vastgesteld door middel van de SiVAS-Auriculo methode.
- Het uittesten en adviseren van natuurgeneeskundige middelen om te ontgiften en draineren en het immuunsysteem te versterken.
- Het volgen van een dieet.
De behandeling bestaat uit een aantal stadia van steeds ongeveer 6 weken. In de depotfase worden de gifstoffen uit de lichaamsdepots (bijvoorbeeld het onderhuids bindweefsel) losgeweekt en afgevoerd. In de leverfase ligt de nadruk op het normaliseren van de biochemische processen waarbij de lever betrokken is. In de darmfase wordt de darmflora versterkt en de darmwerking verbeterd.
Indien nodig zal een algehele darmsaneringskuur geadviseerd worden (bijvoorbeeld in geval van hardnekkige schimmelinfecties of dysbiose: een verstoring van het evenwicht van de darmflora).
Tot slot volgt het nabehandelingstraject. Het begeleidend dieet is belangrijk en zal in de loop van de behandeling steeds minder strict worden. In veel gevallen is de reactie op het voedingsmiddel weer normaal in de nabehandelingsfase. Het kan echter ook zijn dat geadviseerd wordt voorzichtig te blijven met het primair allergeen.